nieuws

Wat gaat een verkeersboete in 2019 je kosten?

Gebruik

De verkeersboetes van 2019 zijn bekend. En zoals te verwachten viel, gaan de tarieven opnieuw een stuk omhoog. Dit blijkt uit een overheidsdocument dat AutoRai in handen heeft. Dit ga je komend jaar betalen voor een snelheids- of andere verkeersovertreding:

Wat gaat een verkeersboete in 2019 je kosten?

Algemeen

  • Als de bestuurder tijdens het rijden een mobiele telefoon vasthoudt: 240 euro
  • Het niet plaatsen van een gevarendriehoek bij een stilstaand motorvoertuig terwijl geen knipperend waarschuwingslicht wordt gevoerd – 140 euro
  • Geen autogordel dragen – 140 euro
  • Door rood rijden – 240 euro
  • Niet rijden bij een groen verkeerslicht – 140 euro
  • Als weggebruiker niet stoppen voor rood knipperlicht bij overweglichten – 240 euro
  • Als weggebruiker niet stoppen voor rood (knipper)licht bij bruglichten – 240 euro
  • Als bestuurder van een motorvoertuig, als bromfietser of snorfietser onnodig geluid veroorzaken met dat voertuig – 380 euro

Verlichting

  • Geen dim- of grootlicht voeren bij nacht binnen de bebouwde kom: 95 euro
  • Geen dim- of grootlicht voeren bij nacht buiten de bebouwde kom: 140 euro
  • Geen dim- of grootlicht voeren bij slecht zich overdag: 140 euro
  • Het hinderen van tegenliggers door groot licht: 140 euro
  • Achterlichten die niet branden bij nacht buiten de bebouwde kom: 95 euro
  • Achterlichten die niet branden bij nacht binnen de bebouwde kom: 140 euro
  • Achterlichten die niet branden bij dag bij slecht zicht: 140 euro
  • Onnodig mistlicht voeren: 95 euro

Verkeersregels

  • Als bestuurder van een motorvoertuig niet zoveel mogelijk rechts houden op een autoweg of autosnelweg – 140 euro
  • Als bestuurder van een voertuig niet zoveel mogelijk rechts houden op een andere weg dan autoweg of autosnelweg – 240 euro
  • Als bestuurder van een motorvoertuig niet de rijbaan gebruiken door te rijden over het trottoir, het voetpad, het fietspad, het fiets/bromfietspad of het ruiterpad – 140 euro
  • Als bestuurder van een motorvoertuig niet de rijbaan gebruiken door stil te staan op het trottoir, het voetpad, het fietspad, het fiets/bromfietspad of het ruiterpad – 95 euro
  • Als bestuurder van een motorvoertuig een met een doorgetrokken streep gemarkeerde fietsstrook gebruiken – 140 euro
  • Als bestuurder niet links inhalen – 240 euro
  • Als bestuurder een kruispunt blokkeren – 240 euro
  • Als bestuurder op een kruispunt geen voorrang verlenen aan bestuurders van rechts – 240 euro
  • Als bestuurder op een onverharde weg geen voorrang verlenen aan bestuurders op een verharde weg – 240 euro
  • Als bestuurder geen voorrang verlenen aan bestuurders van een tram – 240 euro
  • Als weggebruiker een overweg opgaan, terwijl men niet direct kan doorgaan en de overweg niet geheel vrij kan maken – 240 euro
  • Als weggebruiker een militaire kolonne doorsnijden – 95 euro
  • Als weggebruiker een uitvaartstoet van motorvoertuigen doorsnijden – 95 euro
  • Als bestuurder afslaan zonder een teken met de richtingaanwijzer of met de arm te geven – 95 euro
  • Als bestuurder bij het afslaan niet het verkeer voor laten gaan, dat hem op dezelfde weg tegemoet komt – 240 euro
  • Als bestuurder bij het afslaan niet het verkeer voor laten gaan, dat zich naast dan wel links dicht achter hem bevindt – 240 euro
  • Als bestuurder bij het afslaan niet het verkeer voor laten gaan, dat zich naast dan wel rechts dicht achter hem bevindt – 240 euro
  • Als bestuurder links afslaan zonder tegemoetkomende bestuurders die op hetzelfde kruispunt rechts afslaan, voor te laten gaan – 240 euro
  • Een voertuig op een zodanige wijze laten staan waardoor op de weg gevaar wordt/kan worden veroorzaakt, dan wel het verkeer wordt/kan worden gehinderd – 140 euro
  • Als bestuurder een voertuig laten stilstaan op een kruispunt – 140 euro
  • Als bestuurder een voertuig laten stilstaan op een fietsstrook – 95 euro
  • Als bestuurder een voertuig laten stilstaan op de rijbaan langs de fietsstrook – 95 euro
  • Als bestuurder een voertuig laten stilstaan op een oversteekplaats of binnen een afstand van vijf meter daarvan – 95 euro
  • Als bestuurder een voertuig laten stilstaan in een tunnel – 95 euro
  • Als bestuurder een voertuig laten stilstaan bij een bord bushalte ter hoogte van de geblokte markering – 95 euro
  • Als bestuurder een voertuig laten stilstaan bij een bord bushalte op een afstand van minder dan twaalf meter van dat bord terwijl de geblokte markering niet is aangebracht – 95 euro
  • Als bestuurder een voertuig laten stilstaan op de rijbaan langs een busstrook – 95 euro
  • Als bestuurder een voertuig laten stilstaan langs een gele doorgetrokken streep – 95 euro
  • Als bestuurder een voertuig laten stilstaan op een overweg – 95 euro
  • Als bestuurder een voertuig dubbel parkeren – 95 euro
  • Als bestuurder een voertuig parkeren in een parkeerschijfzone – 95 euro
  • Als bestuurder op een gehandicaptenparkeerplaats parkeren anders dan met een motorvoertuig op meer dan twee wielen waarin duidelijk zichtbaar is aangebracht een geldige gehandicaptenparkeerkaart – 380 euro
  • Onnodig de berm gebruiken zonder dat er sprake is van een noodgeval – 140 euro
  • Buiten noodzaak stilstaan op de vluchtstrook of vluchthaven – 240 euro

Overschrijding van de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom (bij bord A1: 30 km/u) of binnen een erf of bij wegwerkzaamheden

Met 4 km/u – 46 euro
Met 5 km/u – 54 euro
Met 6 km/u – 63 euro
Met 7 km/u – 75 euro
Met 8 km/u – 85 euro
Met 9 km/u – 95 euro
Met 10 km/u – 107 euro
Met 11 km/u – 133 euro
Met 12 km/u – 146 euro
Met 13 km/u – 158 euro
Met 14 km/u – 170 euro
Met 15 km/u – 185 euro
Met 16 km/u – 195 euro
Met 17 km/u – 209 euro
Met 18 km/u – 223 euro
Met 19 km/u – 241 euro
Met 20 km/u – 257 euro
Met 21 km/u – 270 euro
Met 22 km/u – 283 euro
Met 23 km/u – 302 euro
Met 24 km/u – 319 euro
Met 25 km/u – 337 euro
Met 26 km/u – 356 euro
Met 27 km/u – 375 euro
Met 28 km/u – 394 euro
Met 29 km/u – 412 euro

Overschrijding van de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom

Met 4 km/u – 27 euro
Met 5 km/u – 34 euro
Met 6 km/u – 40 euro
Met 7 km/u – 48 euro
Met 8 km/u – 54 euro
Met 9 km/u – 63 euro
Met 10 km/u – 72 euro
Met 11 km/u – 95 euro
Met 12 km/u – 105 euro
Met 13 km/u – 115 euro
Met 14 km/u – 123 euro
Met 15 km/u – 133 euro
Met 16 km/u – 144 euro
Met 17 km/u – 153 euro
Met 18 km/u – 165 euro
Met 19 km/u – 176 euro
Met 20 km/u – 191 euro
Met 21 km/u – 203 euro
Met 22 km/u – 215 euro
Met 23 km/u – 229 euro
Met 24 km/u – 241 euro
Met 25 km/u – 256 euro
Met 26 km/u – 270 euro
Met 27 km/u – 287 euro
Met 28 km/u – 304 euro
Met 29 km/u – 317 euro
Met 30 km/u – 334 euro

Overschrijding van de maximumsnelheid op (auto)wegen buiten de bebouwde kom

Met 4 km/u – 24 euro
Met 5 km/u – 32 euro
Met 6 km/u – 37 euro
Met 7 km/u – 43 euro
Met 8 km/u – 50 euro
Met 9 km/u – 57 euro
Met 10 km/u – 67 euro
Met 11 km/u – 90 euro
Met 12 km/u – 100 euro
Met 13 km/u – 110 euro
Met 14 km/u – 117 euro
Met 15 km/u – 129 euro
Met 16 km/u – 137 euro
Met 17 km/u – 147 euro
Met 18 km/u – 157 euro
Met 19 km/u – 170 euro
Met 20 km/u – 183 euro
Met 21 km/u – 191 euro
Met 22 km/u – 203 euro
Met 23 km/u – 215 euro
Met 24 km/u – 229 euro
Met 25 km/u – 241 euro
Met 26 km/u – 256 euro
Met 27 km/u – 269 euro
Met 28 km/u – 283 euro
Met 29 km/u – 300 euro
Met 30 km/u – 317 euro

Overschrijding van de maximumsnelheid op (auto)wegen buiten de bebouwde kom bij wegwerkzaamheden

Met 4 km/u – 37 euro
Met 5 km/u – 45 euro
Met 6 km/u – 53 euro
Met 7 km/u – 63 euro
Met 8 km/u – 73 euro
Met 9 km/u – 79 euro
Met 10 km/u – 90 euro
Met 11 km/u – 113 euro
Met 12 km/u – 121 euro
Met 13 km/u – 133 euro
Met 14 km/u – 147 euro
Met 15 km/u – 158 euro
Met 16 km/u – 173 euro
Met 17 km/u – 187 euro
Met 18 km/u – 198 euro
Met 19 km/u – 211 euro
Met 20 km/u – 223 euro
Met 21 km/u – 241 euro
Met 22 km/u – 256 euro
Met 23 km/u – 265 euro
Met 24 km/u – 283 euro
Met 25 km/u – 300 euro
Met 26 km/u – 316 euro
Met 27 km/u – 334 euro
Met 28 km/u – 349 euro
Met 29 km/u – 370 euro
Met 30 km/u – 384 euro

Overschrijding van de maximumsnelheid op autosnelwegen buiten de bebouwde kom

Met 1 km/u – 11 euro
Met 2 km/u – 16 euro
Met 3 km/u – 20 euro
Met 4 km/u – 24 euro
Met 5 km/u – 31 euro
Met 6 km/u – 37 euro
Met 7 km/u – 43 euro
Met 8 km/u – 49 euro
Met 9 km/u – 55 euro
Met 10 km/u – 63 euro
Met 11 km/u – 86 euro
Met 12 km/u – 93 euro
Met 13 km/u – 100 euro
Met 14 km/u – 107 euro
Met 15 km/u – 118 euro
Met 16 km/u – 128 euro
Met 17 km/u – 137 euro
Met 18 km/u – 147 euro
Met 19 km/u – 158 euro
Met 20 km/u – 170 euro
Met 21 km/u – 181 euro
Met 22 km/u – 191 euro
Met 23 km/u – 203 euro
Met 24 km/u – 215 euro
Met 25 km/u – 223 euro
Met 26 km/u – 234 euro
Met 27 km/u – 246 euro
Met 28 km/u – 257 euro
Met 29 km/u – 270 euro
Met 30 km/u – 284 euro
Met 31 km/u – 292 euro
Met 32 km/u – 304 euro
Met 33 km/u – 323 euro
Met 34 km/u – 339 euro
Met 35 km/u – 348 euro
Met 36 km/u – 367 euro
Met 37 km/u – 384 euro
Met 38 km/u – 396 euro
Met 39 km/u – 419 euro

Overschrijding van de maximumsnelheid op autosnelwegen buiten de bebouwde kom bij wegwerkzaamheden

Met 4 km/u – 32 euro
Met 5 km/u – 39 euro
Met 6 km/u – 49 euro
Met 7 km/u – 59 euro
Met 8 km/u – 67 euro
Met 9 km/u – 75 euro
Met 10 km/u – 86 euro
Met 11 km/u – 110 euro
Met 12 km/u – 121 euro
Met 13 km/u – 131 euro
Met 14 km/u – 139 euro
Met 15 km/u – 151 euro
Met 16 km/u – 163 euro
Met 17 km/u – 176 euro
Met 18 km/u – 191 euro
Met 19 km/u – 203 euro
Met 20 km/u – 215 euro
Met 21 km/u – 229 euro
Met 22 km/u – 241 euro
Met 23 km/u – 256 euro
Met 24 km/u – 270 euro
Met 25 km/u – 283 euro
Met 26 km/u – 302 euro
Met 27 km/u – 319 euro
Met 28 km/u – 334 euro
Met 29 km/u – 349 euro
Met 30 km/u – 370 euro

Bron: Autorai
Reageer op dit artikel